Home > Natuureducatie > Natuureducatie algemeen > Nesthulp voor tuinbezoekers


28-04-2015
Nesthulp voor tuinbezoekers
Bijen en wespen zijn niet de meest geliefde bezoekers van onze tuinen.
Vooral als we in de zomertijd buiten onze lunch gebruiken kunnen ze ons heel wat last bezorgen en dat maakt hen beslist niet geliefd.
We realiseren ons echter te weinig dat het hier alleen maar enkele soorten sociaal levende soorten betreft: de honingbijen die door de imkers worden gehouden en de zogenaamde limonade-wespen die hun kunstige nesten in bomen en soms ook onder onze daken bouwen.
Zij leven in grote kolonies van duizenden individuen en hebben een ingewikkelde sociale structuur.
Hiernaast leven er in Nederland ca. 650 soorten solitaire bijen en wespen. Ook deze soorten hebben (alleen de vrouwtjes) een angel, maar deze is zo zwak dat ze niet door onze huid kan komen. Hier hoeven we dus geen angst voor te hebben.
Omdat deze soorten solitair leven zijn ze veel minder bekend, maar ze vervullen toch een uiterst belangrijke rol in de bestuiving van planten.
Door de grootschalige landbouw en de verstening van onze steden en dorpen zijn veel soorten achteruit gegaan met alle negatieve gevolgen ervan.
Het bieden van nesthulp voor deze soorten is niet alleen bijzonder belangrijk, maar biedt ons ook een boeiende kijk in het gecompliceerde nestgedrag van deze bijtjes en wespen.
Nesthulp kan op verschillende manieren worden geboden.

In de tuin kunnen bundels holle stengels of takjes met merg worden opgehangen. Ook bamboe of riet is bruikbaar. Misschien nog het meest ideaal zijn houtblokken waar gangen in geboord zijn.
Die gangen moeten dan een diameter hebben van 3 tot 12 mm., een diepte van 5-15cm en ze moeten aan de achterkant dicht zijn.
Bij voorkeur dient dwars op de draad geboord te worden, zodat geen splinters in de gang ontstaan.

Maar ook kant en klaar nestkasten, die o.m. bij Vivara en diverse tuin-
centra te koop zijn voldoen uitstekend.
Is er eenmaal een goede nestgelegenheid in de tuin opgehangen, dan kan je een grote variatie aan bezoekers verwachten.
Zo zijn er o.m. de tronkenbijen, metselbijen, klokjesbijen, koekoeksbijen, metselwespen en graafwespen, maar ook de vele soorten die proberen in te breken in de nestgangen, zoals de parasitaire vliegen, kevers en wespen. Neem bijv. de glanzend gekleurde goudwespen, die gereed zitten om in te breken zodra de gelegenheid zich voordoet.
En het is weer de Rosse metselbij die we als een van de eersten bij onze nestblokken kunnen aantreffen.
De mannetjes verschijnen eerder dan de vrouwtjes en zitten te wachten bij de nest- plaatsen om als eerste een vrouwtje te kunnen bevruchten.
Na de bevruchting begint het vrouwtje met het aanslepen van pollen en nectar.
De pollen worden vervoerd in de buikschuier die dan een heldergele kleur krijgt.

In de boorgang bouwt het vrouwtje ca. 10 broedcellen en voorziet deze van pollen
en nectar als voedsel voor de larve. Op het voedsel wordt dan een ei gelegd en de cel wordt afgesloten. Ca. eind juli vindt in de cel de verpopping plaats, maar de nieuwe bijengeneratie zal pas uitkomen in het volgende voorjaar.

Intussen zijn er veel kapers op de kust die proberen in de cellen in te breken om daar hun ei te deponeren, dit ten koste van de larve van de oorspronkelijke bewoner.
Al met al is het boeiend om deze ontwikkelingen in je tuin te volgen, en bovendien draag je daardoor bij aan de instandhouding van de vele soorten die het door de huidige landbouwprocessen en de verstening van onze woonwijken moeilijk hebben om te overleven, en die toch zo’n belangrijke functie hebben in de bestuiving van onze gewassen.

Piet de Bont


© Natuur- en Milieuvereniging Gemeente Heusden 2010-2018
Vogelgeluid