Veel bedrijven in het buitengebied hebben een ‘harde’ bebouwingsrand en zijn onvoldoende ingepast in de omgeving. Dit valt nog meer op als het gaat om grote en hoge gebouwen met een weinig natuurlijk materiaal- en kleurgebruik. Door het ontbreken van een begeleidende beplanting ziet het er slordig uit en komt de bebouwing niet tot zijn recht. Harde bebouwingsranden doen afbreuk aan de kwaliteit van het landschap en de beleving van de natuur.
Ontwikkelingsvisie Buitengebied
Het afgelopen jaar heeft de gemeenteraad de Ontwikkelingsvisie Buitengebied vastgesteld. In het plan zijn de waardevolle landschappen / natuurgebieden en de landschappen met een open karakter, de open corridors en de waardevolle groen- en waterstructuren beschreven. Ook wordt aandacht besteed aan de waardevolle stedenbouwkundige en bebouwingsranden: de vesting Heusden, de lintbebouwing van Elshout en Haarsteeg, de oostelijke bebouwingsgrens Herpt en Giersbergen.
Op de kaart ‘Bedreigingen en aandachtspunten’ staan de bedrijven ingetekend die volgens het onderzoeksbureau BügelHajema onvoldoende zijn ingepast. Het betreft het bedrijventerrein Heesbeen, de dorpsuitbreiding Oud Heusden, (agrarische) bedrijven in de overlaatzone (langs de Kanaalweg, Hoge Schijf, Honderdbunderweg en Vendreef) en langs de Oosterseweg, VAL B.V. en de steenfabriek Hedikhuizen.
De gemeente heeft hoge ambities op het vlak van de natuurontwikkeling. Zij wil de landschappelijke kwaliteiten en de historische structuren behouden en waar mogelijk versterken. Hiertoe zijn per deelgebied ontwerprichtlijnen opgesteld. De richtlijnen gaan over de verkaveling, de rooilijnen maar ook het soort bomen dat moet worden toegepast.
Functie erfbeplanting
Erfbeplanting heeft meerdere functies. De erfbeplanting geeft op de eerste plaats beschutting. Vooral in het buitengebied kan het belangrijk zijn dat er een groenscherm wordt gecreëerd tegen wind, regen en zon. Door het groen krijgt bebouwing meer uitstraling. Bovendien wordt voor de bewoners een aantrekkelijk verblijfsklimaat gecreëerd. De beplanting kan samenhang geven met het landschap en de natuur in de omgeving. Bomen en struiken bieden een biotoop voor de dieren.
Veel bewoners en eigenaren maken daarom met de bebouwing een beplantingsplan. Zij zien zelf de voordelen van de groenaankleding en zijn ook bereid daarin te investeren. Dat geldt echter niet voor iedereen. Sommige mensen hechten minder waarde aan de uitstraling van het bedrijfsgebouw en woning. Zij zien vooral nadelen. De grond die voor de erfbeplanting nodig is, wordt onttrokken aan het productie areaal en kost daardoor geld. Goede tuinaanleg en beplanting zijn duur. Beplanting vraagt daarnaast regelmatig onderhoud.
Dit betekent dat een aantal gebruikers van het buitengebied moeten worden gestimuleerd om erfbeplanting te realiseren. Dit kan op verschillende manieren. Gemeenten en Agrarische Natuurverenigingen kunnen door gerichte voorlichting de bouwers overtuigen dat bij bebouwing ook groen hoort. De gemeente kan bepalen dat tegelijk met de aanvraag van een bouwvergunning ook een groenplan moet worden overlegd.
Erfbeplantingsproject PlantenNu
Begin 2010 is de gemeente gestart met de actie ErfbeplantingNu. Met deze actie wil de gemeente Heusden de aanleg van beplantingen in het landelijk gebied stimuleren.
Op de erven van vijftien bedrijven zijn het afgelopen najaar in totaal 670 stuks bosplantsoen, 213 laanbomen en 97 fruitbomen aangeplant. Met uitzondering van de fruitbomen betreft het authentiek inlands plantmateriaal. De gemeente vergoedt de kosten voor de planvorming en het plantgoed. Het planten komt voor rekening van de deelnemers. Deze hebben zich verplicht de geleverde planten minimaal 10 jaar te laten staan.
PlantenNu is een initiatief van het Projectbureau Orbis uit Den Bosch. Het bureau wil door samenwerking van gemeenten en grondbezitters een groene impuls geven aan het buitengebied van Brabant. Het project PlantenNu 2010 in de gemeente Heusden was een groot succes. De werkgroep RO zou graag zien dat de gemeente in 2011 budget vrijmaakt voor voortzetting van het project.
Jan Pijnenborg
verberg...